Psychomedische Hulp 
Praktijk voor Psychomedische Hulp
Dr. J.N. Schilder 
Mob. 06 53586287
Flevoweg 85  29
8264 PA  Kampen
Email: psychomedisch@gmail.com
Ineke was met een buik vol kanker de Pyreneeën ingetrokken. Het was de derde keer dat ze non-Hodgkin lymfomen had. Een lichte chemotherapie had niet meer geholpen en de internist had een zwaardere kuur voorgesteld. Ineke ging eerst op vakantie.

Zij had daarover al eens afspraken gemaakt met een nieuwe vriend. Eigenlijk wilde hij niet, maar uiteindelijk 'mocht zij mee'. Wel sprak hij af dat hij een paar dagen zelf op pad wilde gaan. Toen ze in de bergen waren en hij voor een paar dagen afscheid nam, deed hij dat volgens Ineke op een manier die ze onacceptabel vond. Ze zei daarover: "Dat viel me heel erg tegen, terwijl hij me dus heel anders benaderd had. Ik had me dus even gekoesterd in, in de warmte die hij me gaf, van nou: "Je mag er wel zijn". Nou, eh, of er niks geweest was. (--) Ik dacht: "Ik zal eens laten zien dat ik niet op die man zit te wachten. Als hij zegt: ... wil alleen wandelen, dan zal hij ook alleen wandelen en dan bekijkt 'ie het maar". Dat is een kwaadheid die je dan krijgt, waarmee je energie krijgt. (--) Dus die kwaadheid die energie geeft, die heeft mij eigenlijk er boven opgehaald". Ze besloot van de weeromstuit om niet op hem te wachten, maar zelf een tocht te gaan maken. Dat werd een gewaagde bergtocht, waarbij ze steeds dacht van ‘Nou kan ik nog terug’, tot ze over de helft was van een route en besloot door te gaan. Ze zei over die tocht: "Ik merkte dat ik eigenlijk al die dagen een stuk kwaadheid in me had en ik denk, die tweede dag dat ik gelopen heb van negen tot zes, dat ik bij iedere stap een stuk agressie kwijt kon. (--) Gewoon en dat komt niet alleen door die vriend, maar gewoon de hele situatie waarin je zit, terecht gekomen bent. Over feiten dat me aangedaan is." Tijdens deze tocht nam haar pijn af en slonk de tumor in haar buik. Ze voelde zich apetrots over haar prestatie en dat werd nog sterker, toen bleek dat de tocht van haar vriend tamelijk onsuccesvol was verlopen.
Twee weken na terugkeer voelde haar internist in het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis ook dat haar buiktumoren kleiner waren geworden. Een echo bevestigde dat.

Wat Ineke hier meemaakt is een plotse omlag van passief gedrag en gedogen worden (door de vriend; ze ‘mocht mee’), naar actief en ondernemend gedrag. Avontuurlijk, gewaagd, uitdagend, competitief. En dan ‘raakt ze bij iedere stap haar boosheid kwijt’ en voelt de pijn en de tumoren afnemen. De afname wordt twee weken na haar terugkeer bevestigd door de internist.

Dit is wat je tegenkomt voorafgaand aan spontane regressies: een soort plotse omslag van passief naar actief, naar ondernemend, ‘weer kunnen ademen’ en toegang tot wezenlijke activiteiten en belevingen. En aan de ene kant lijkt het zo simpel, maar aan de andere kant is het dat niet. Het vervolg laat dat –helaas- zien.

Ten tijde van het interview –over de bergtocht- ging het al minder goed met Ineke. Ze had buikklachten, maar kon deze nog wat opvangen met eigen middeltjes. Psychosociaal ging het ook niet optimaal. Ze woonde niet in haar eigen dorp en kreeg "dit huis aangeboden" en daar had zij "ook alweer spijt van". Ze lag al jaren in een echtscheidingsprocedure en in deze jaren was ze ook ziek geworden. Kort voor de derde keer dat ze de non-Hodgkin had gekregen, had ze in een bui van razernij thuis de boel vernield, op en stuk papier “klootzak” geschreven en was weggegaan. Ze had toen al contact met de nieuwe vriend. Haar man maakte haar maakte haar darmee “zwart'' bij haar gewaardeerde schoonvader. Deze liet haar toen vallen. Ineke: "Dat is gebeurd doordat de reactie van die schoonvader, toen ben ik echt in mijn kern aangetast, zo heb ik dat gevoeld. (-- desgevraagd:) Toen ben ik daarna ziek geworden, heel erg". Dat was het recidief van de non-Hodgkin, waarmee ze vervolgens de bergen inging.
In het interview is haar gevraagd: "Enig idee waarom het nou bij jou zo werkte? Dat je niet bent gaan huilen in de bergen, zo van: "Ach jongen, doe dat nou toch niet. Ik blijf nu wel wachten"?
Ineke: "Daar was ik te trots voor, dat is toch een stuk trots. (--) Ja, ik denk dat het belangrijk is in hoeverre je werkelijk tot in je kern tot in je ziel geraakt wordt."
In de bergen was ze ook geraakt door het gedrag van de vriend, maar "minder in die kern (--) Toen hij dus liet merken: ik wil liever alleen. Dat is toch iets anders. Meer teleurstellend ook. (--) Ja, zo reageer ik dan. En eh, ik heb er veertien dagen gezeten en ineens ging ik merken: die buik voelt anders. En aan het eind dacht ik, nou: "Hij is weg (de buiktumor), ik voel niks meer".
Interviewer: "Ziet U verband tussen afname van de agressie en de afname van de tumor?"
Ineke: "Uiten van agressie, niet afname, maar het uiten".

Na de terugkeer van de bergtocht en de spontane regressie van de kanker, was ze eens op een avond naar haar vorige huis gegaan. Ze was in het donker de tuin in geslopen, had gekeken naar het verlichte huis en het dorp, waar ze graag woonde maar niet meer kon komen. Verder had ze moeite op haar werk en de echtscheidingsprocedure nam veel van haar energie, zoals ze zei met: "Ik moet zien dat ik de helft van mijn huis krijg, moet ik voor vechten. Ik merk dat dat me toch heel erg ondermijnt en daar moet ik me tegen wapenen en dat kan ik nog niet".

Bijna drie maanden na het interview belde Ineke weer. Ze was opgenomen met een uitgebreid recidief van haar non-Hodgkin lymfomen. Tumoren zaten nu in haar been, borstbeen, heup en ribben. Ze belde om te praten en om een advies te krijgen. Haar stem klonk onrustig en gejaagd, steunend en druk. Ze zei dat ze niet meer 'bij haar kern' kon komen, hoezeer zij dit ook probeerde. Ze werd onrustig van het gevoel te moeten genezen, hetzelfde te moeten presteren als destijds in de bergen. Steeds maar "moeten, moeten, moeten".

Desgevraagd voelde ze zich hierdoor "angstig, falen". Ze wilde 'willen', maar merkte dat wat in de bergen gebeurde als vanzelf uit haar was opgekomen, terwijl ze zich nu haar 'willen' probeerde op te leggen. Tevens vertelde ze dat ze had geprobeerd 'los te komen' van het huis en het dorp waar ze eerder woonde en dat ze werk had gelezen van Krishnamurti over 'onthechten'. Het hielp niet. Ongeveer een jaar later belde Ineke nog één keer. Ze was stervende en zei daar vrede mee te hebben. Ze overleed kort daarna.

Veranderingen die voorafgaan aan spontane regressie van kanker zijn de uitkomst van een kritische combinatie van wat áán iemand gebeurt, en wat hij of zij doet. Maar het is complexer dan zomaar even positief gaan denken o.i.d. Het lijkt erop dat een confronterende en bedreigende gebeurtenis iets op kan roepen in een persoon,waarbij reacties die je tot dan toe eigenlijk niet voor mogelijk hield, als vanzelf weer tevoorschijn komen. Het is alsof er in de persoonlijkheid iets verschuift en stukken van de persoon weer mee kunnen doen in gedrag, voelen en denken; stukken van de persoon die waren verdwenen achter repressie of wat dan ook. En als dat gebeurt, lijkt alles verder vanzelf te gaan.

In psychotherapie probeer je op een veilige manier met confronterende situaties te werken, in de hoop dat op het vlak van de persoonlijkheid dit soort herverbindingen tot stand komen. Monodrama, een techniek waarbij elementen uit psychodrama en familie-opstellingen worden gecombineerd, lijkt daarvoor een goede optie.